La Montina is een voor Franciacorta begrippen groot wijnhuis in Monticelli Brusati. Het wijnhuis is gelegen in de beschutting van een natuurlijk amfitheater op de rand van de morene 'Ome', waar de weg eindigt in het bos langs de Valle Mugnina. Dit stuk strook grond ligt het verst weg in de gemeente Monticelli Brusati. Franciacorta komt hier het beste tot uitdrukking, in dit zachte vredige landschap, rijk aan romantische geschiedenis.
De historie van de prachtige villa gaat terug naar 1620. De gebouwen waren toen in bezit van de Valsabbia familie die geleid werd door Benedetto Montini, voorouder van Paus Paul VI. De heuvels achter de villa zijn naar hem vernoemd evenals de wijnmakerij zelf. In de jaren tachtig van de vorige eeuw is de villa gerenoveerd door de familie Bozza.
De broers Giancarlo, Vittorio en Alberto zetten de enologische traditie van hun familie voort met hun prestigieuze ontwerp voor het La Montina wijnbedrijf. Om de kelders te bouwen, is de heuvel achter de villa afgegraven en later weer teruggebracht naar zijn zo-goed-als natuurlijke staat. 70.0000 m3 grond werd hiervoor verwijderd. De kelder ligt 9 meter onder het grondoppervlak en beslaan een oppervlakte van ongeveer 7.000 m². In volle respect voor het milieu werden de wijngaarden herplant boven de kelders. De kelders hebben het hele jaar door een constante temperatuur van 12-15° C, de ideale temperatuur voor de rijping van Franciacorta wijn.
Wijngaarden
De Montina landgoed omvat momenteel 70 hectare wijngaarden in met name heuvelachtig gebied in de verschillende gemeenten van Franciacorta gebied: Monticelli Brusati, Fantecolo, Provezze, Monterotondo, Cazzago San Martino, Gussago en Erbusco. De wijngaarden liggen hoofdzakelijk in heuvellandschap. De wijngaarden zijn aangeplant met 5400/5800 stokken per hectare. In 2008 had het bedrijf een totale productie van 450.000 flessen, waarvan 85% Franciacorta. De overige 15% bestond uit Curtefranca DOC en riserva's.
De Franciacorta DOCG wijn wordt gemaakt met behulp van de witte druivensoorten chardonnay en pinot bianco en / of de blauwe druivensoort pinot nero. De druiven worden altijd met de hand geplukt. Franciacorta DOCG ondergaat een langzame tweede gisting in de fles.
Bereidingsmethode
De oogst perioden hangen af van het type van de wijn: de druiven die worden gebruikt voor Franciacorta DOCG worden halverwege augustus geoogst tot begin september (voor een laag suikergehalte en een goede zuurgraad), terwijl die voor de Terre di Franciacorta DOC-wijnen worden geoogst in september en oktober.
De druiven worden met de hand geplukt. Ze gaan onmiddellijk naar de cantina voor de zachte persing. Hiervoor wordt de Marmonier pers gebruikt. Deze bijzondere pers haalt op zeer delicate wijze zo'n 40% van het sap uit de druiven. De Marmonier pers wordt veel gebruikt in het Franse Champagne gebied.
In Franciacorta is de Marmonier pers zeldzaam, er zijn maar 2 bedrijven die een dergelijke pers gebruiken. De pers heeft een doorsnee van 3 meter en is 120 cm hoog. Het perst de druiven op een bijzonder zachte wijze en levert slechts 4 dl sap per kilo druiven op. Deze zachte persing zorgt er voor dat alle organoleptische eigenschappen van de druiven behouden blijft. Bij agressievere persmethoden gaan deze verloren.
Vinificatie
De gisting van de most start in stalen vaten of barrique vaten bij een gecontroleerde temperatuur (voor de witte wijn) van rond de 16-18 C°. Na het filteren begint voor de Franciacorta DOCG het lange, fascinerende proces van ontwikkeling en verfijning.
De verschillende standaard-label wijnen worden geproefd door de eigenaars en deskundigen en vervolgens geselecteerd en gemengd op basis van hun specifieke kenmerken. De geselecteerde wijnen worden gebotteld met een liqueur de tirage op basis van rietsuiker (ongeveer 22g/liter). De flessen worden afgesloten met een kroonkurk en de 2e gisting start. De gist zal langzaam de suiker in alcohol en koolzuur transformeren, waardoor de voor Franciacorta unieke perlage ontstaat.
Als de gist is uitgewerkt, sterven de gistcellen en zetten zich af tegen de wand van de fles. Dit sediment geeft de wijn zijn typische kwaliteit en organoleptische kenmerken: hoe langer de periode van contact met het sediment, hoe groter de hoeveelheid en hoe beter de kwaliteit van deze stoffen.
Aan het einde van deze lange rijpingsfase ontstaat het probleem van hoe zich te ontdoen van het sediment dat gevormd is tijdens de gisting. De oplossing is vrij eenvoudig, maar vereist een van de langste (30-40 dagen) en lastigste procedures van de gehele productiecyclus: remuage.
De flessen worden van hun rustplaats gehaald en met de hals schuin omlaag, door gaten in houten schragen gestoken. Deze schragen worden pupitres genoemd. De flessen worden handmatig met de klok mee gedraaid en geschud waardoor het sediment langzaam omlaag zakt in de fles. The flessen zijn nu klaar voor de een na laatste procedure, het dégorgement.
De fles wordt met de hals omlaag geplaatst in een glycol-gebaseerde oplossing van -28 C°. Het sediment zal hierdoor aan de binnenkant van de fles-hals bevriezen. Als de fles geopend wordt zal de inwendige druk die tijdens de gisting in de fles is ontstaan (ongeveer 6 bar) het sediment als een blokje ijs uit de fles doen schieten. In de allerlaatste fase van het proces worden de flessen aangevuld met een dosis van een bijzonder mengsel, de liqueur de expedition. Dit mengsel bepaalt het smaak van de wijn (Extra Brut, Brut).
De flessen van Franciacorta DOCG worden vervolgens gekurkt, gewassen en geëtiketteerd en zijn klaar om te worden gedronken.
Multimedia
Gemaakt door: admin.
Laatste wijziging: Za 04 van Sep, 2010 22:47 CEST door admin.